Ulmus


naar Geslachtoverzicht


Ulmus (Iep) - onderdeel van de familie Ulmaceae


De BomenWijzer bevat van dit geslacht onderstaande boomsoorten:
  • Boom 88 - Ulmus minor var. suberosa (Kurk- of veldiep)
  • Boom 145 - Ulmus glabra 'Exoniensis' (Pluimiep)


Informatie over het geslacht Ulmus (Iep)

Iep (Ulmus) (ook bekend als olm) is een geslacht van loofbomen.

Iepen groeien bij voorkeur op tamelijk voedselrijke, vochthoudende en kalkrijke grond. De bladeren zijn veernervig en hebben een gezaagde of dubbelgezaagde bladrand. Ze lijken soms op de bladeren van de haagbeuk (Carpinus betulus). Iepenbladeren hebben echter in tegenstelling tot die van de haagbeuk een ongelijke bladvoet. De bloemen bloeien eerder dan dat de bladeren verschijnen. Het bloemdek is klein, groen en aan de slippen zijn ze onderling vergroeid. Daar boven staan de meeldraden met paarse helmhokken en de stamper. De zaden zijn afgeplat en hebben een brede gevleugelde rand. Op de schors van iepen kan een grote variatie aan korstmossen groeien.

De iep is gevoelig voor de iepziekte. Deze verwelkingsziekte wordt veroorzaakt door de schimmel Ophiostoma ulmi. De iepziekte wordt overgebracht door de iepenspintkever, die de genoemde schimmel bij zich draagt. De schimmel groeit in de houtvaten van iepen, waartegen de boom zich verweert met thyllen, waardoor deze houtvaten verstopt raken. Hierdoor verwelken de bladeren en sterft de boom. Van de begin 20e eeuw nog zeer uitgebreide iepenbestanden in Nederland is tussen 1919 en 2000 zeker negentig procent door de iepziekte verdwenen, waardoor het landschap een behoorlijke verandering heeft ondergaan.

bron | © info


naar Geslachtoverzicht